Omroeppersoneel.nl

Hoofdstuk 3 · Arbeidsduur

Artikel 30Buitengewoon verlof

CAO voor het Omroeppersoneel 1 januari 2025 t/m 31 december 2026

#

1In verband met wettelijke verplichting

Buitengewoon verlof wordt aan de werknemer verleend voor de vervulling van een door de Wet of de Overheid zonder geldelijke vergoeding opgelegde verplichting welke niet in zijn vrije tijd kan geschieden, tenzij deze verplichting is ontstaan door schuld of nalatigheid van de werknemer.

#

2In verband met zittingen van/werkzaamheden voor publiekrechtelijke organen

Buitengewoon verlof kan aan de werknemer worden verleend voor het bijwonen van vergaderingen of zittingen van of het verrichten van werkzaamheden voor publiekrechtelijke organen waarin de werknemer is benoemd of gekozen, voor zover dat niet in de vrije tijd kan geschieden, en op voorwaarde dat de werkgever aan de aanvaarding zijn goedkeuring heeft gehecht.

#

3Vergoeding scholing leden redactieraden

De werkgever verleent aan de werknemer die deel uitmaakt van de redactieraad betaald verlof (tot maximaal twee dagen) voor het volgen van een aan het werk in de redactieraad gerelateerde opleiding. De kosten voor deze opleiding worden door de werkgever vergoed. Dit is een niveau 2 regeling als bedoeld in artikel 1, tweede lid van deze CAO.

#

4In verband met particuliere omstandigheden

Buitengewoon verlof wordt bovendien verleend wegens particuliere omstandigheden van de werknemer:

  1. Bij verhuizing: gedurende twee dagen per kalenderjaar. Bij meerdere verhuizingen in één kalenderjaar geldt als maximum twee dagen per kalenderjaar.
  2. Bij ondertrouw: gedurende één dag. Bij huwelijk/geregistreerd partnerschap: gedurende twee dagen.
  3. Bij huwelijk/geregistreerd partnerschap van kinderen, broers en zusters, alsmede van een der ouders: gedurende één dag.
  4. Bij kortdurend zorgverlof (artikel 5:1 t/m 5:10 Wet Arbeid en Zorg): voor de noodzakelijke verzorging i.v.m. ziekte van de partner, ouders of kinderen voor wie de werknemer de feitelijke verzorging heeft, alsmede familieleden in de tweede graad. Daarnaast is dit ook mogelijk voor huisgenoten en anderen uit de sociale omgeving van werknemer, waarbij de werknemer redelijkerwijs degene is die op basis van de relatie met die persoon de zorg op zich neemt. Duur: in overleg tussen werkgever en werknemer te bepalen tot een maximum van tweemaal de wekelijks bedongen arbeidsduur binnen een jaar. Bij zeer ernstige ziekte kan de werkgever een afwijkende regeling treffen.
  5. Bij overlijden van de partner van de werknemer of van een tot zijn gezin behorend kind: tot en met de dag van de uitvaart, alsmede vijf extra verlofdagen.
  6. Bij overlijden van een der ouders, kinderen, voor zover deze niet vallen onder e, broers of zusters: minimaal één dag, alsmede de dag van de uitvaart of zoveel langer als strikt nodig is, alsmede vijf extra verlofdagen. Indien de werknemer is belast met de regeling van de uitvaart: tot en met de dag van de uitvaart, alsmede vijf extra verlofdagen.
  7. Bij bevalling van de partner: ten minste één dag of zoveel langer als strikt nodig is.
  8. Bij geboorteverlof (artikel 4:2 Wet Arbeid en Zorg): één keer de overeengekomen arbeidsduur per week voor de partner na de bevalling van de moeder. Nadat de werknemer het geboorteverlof, als hiervoor bedoeld, heeft opgenomen, heeft de werknemer gedurende een tijdvak van zes maanden, te rekenen vanaf de eerste dag na de bevalling, recht op aanvullend geboorteverlof gedurende maximaal vijfmaal de arbeidsduur per week. De werkgever vult de UWV-uitkering gedurende deze periode aan tot 100% van het bruto maand- inkomen. Het pensioen zal gedurende de verlofperiode op de gebruikelijke wijze worden voortgezet.
  9. Bij het 25-, 40- en 50-jarig huwelijksjubileum: gedurende twee dagen (dit geldt zowel voor huwelijk als voor geregistreerd partnerschap).
  10. Bij het 25-, 40-, 50- en 60-jarig huwelijksfeest/geregistreerd partnerschap van (schoon)ouders: gedurende één dag.
  11. Voor het afleggen van examens, die verband houden met de werkzaamheden van de werknemer: duur ter beoordeling van de werkgever.
  12. Bij oproep voor mondelinge toelichting van een sollicitatie, indien en voor zover dit niet in de vrije tijd mogelijk is.
  13. De werknemer kan gebruik maken van ouderschapsverlof conform het bepaalde in artikel 6:1 en volgende Wet Arbeid en Zorg.
  14. Bij adoptie- en pleegzorgverlof (artikel 3:2 Wet Arbeid en Zorg).
#

5In andere gevallen

Buitengewoon verlof kan overigens - zulks te beoordeling van de werkgever - worden verleend:

  1. Bij zeer ernstige ziekte van (groot)ouders, (klein)kinderen, broers en zusters van de werknemer of van zijn/haar partner: duur ter beoordeling van de werkgever.
  2. Bij overlijden van een der grootouders of kleinkinderen minimaal één dag of zoveel langer als strikt nodig is.
  3. Bij 25-, 40-, 50- en 60-jarig huwelijksfeest van grootouders: gedurende één dag.
#

6Tijdstip opneming vrije dagen

Het in dit artikel genoemde buitengewoon verlof wordt opgenomen op de dag(en) waarop de desbetreffende gebeurtenis c.q. de viering plaatsvindt. Indien meer dan één dag vrij wordt verleend, worden deze als regel aaneengesloten opgenomen.

#

7Gelijkstelling

Waar in dit artikel wordt gesproken van kinderen worden mede begrepen behuwd-, stief- en pleegkinderen. Onder broers en zusters worden mede begrepen zwagers en schoonzusters. Onder (groot)ouders worden mede begrepen schoon-, stief- en pleegouders.

Onder partner wordt begrepen de wettelijke echtgeno(o)t(e) of de geregistreerde partner of de levenspartner van de werknemer, zijnde degene met wie de werknemer blijkens een kopie van een notariële samenlevingsovereenkomst duurzaam samenleeft op hetzelfde adres.

#

8Verlof voor gendertransitie

De werknemer die in gendertransitie is of gaat, heeft gedurende het dienstverband met de werkgever over een periode van 10 jaar recht op maximaal 24 weken transitieverlof met behoud van salaris voor de benodigde medische en niet-medische behandelingen en eventuele hersteltijd zonder zich ziek te hoeven melden. Uitgezonderd hierop zijn medische behandelingen (bv een chirurgische ingreep), waarvan de werknemer arbeidsbeperkingen ondervindt. Dit zal wel onder ziekteverlof vallen. De werknemer kan het maximum aan transitieverlof in delen opnemen. De werknemer meldt het opnemen van het transitieverlof schriftelijk bij de werkgever ten minste acht weken voor ingang van het verlof, onder opgave van de omvang van het verlof, de vermoedelijke duur van het verlof, vergezeld van een verklaring van een geregistreerde behandelend arts, tijdstip van ingang en, indien van toepassing, de spreiding van de uren over de week. Indien dit niet mogelijk is, meldt de werknemer het opnemen van het verlof zo spoedig mogelijk. De werkgever willigt het verzoek om opname van het transitieverlof in principe in.

Bekijk in de originele PDF (pagina 19)